zondag 31 juli 2011

Nepalees Entertainment


Vorige week was ik jarig. Zoals velen van jullie weten ben ik niet zo gesteld op verjaardagen. Best prima om een feestje te vieren, maar die dag zelf..niet mijn ding. Suman had een dagje 'just for the two of us' gepland. We hadden het plan opgevat om naar de film te gaan, in een nieuw, maar groezelig uitziend shopping centre. Ongelooflijk hoe ongelukkig dat winkelcentrum gebouwd was. Kleine donkere steegjes aan weerszijde, gespiegelde ruiten met donker rode raamlijsten en een te krappe ondergrondse parkeergarage. Deed me wel weer denken aan Maleisië waar ze de auto's ook zo parkeren dat de ene de andere blokkeert, wat overigens geen probleem is aangezien iedereen zn auto in de vrije versnelling zonder handrem wegzet. Het groezelige parkeerwachtertje kan op die manier met hulp van omstanders de 'auto blokkade' verwijderen door de auto een flinke zet te geven. Dat gaat bijna altijd wonderbaarlijk goed.

Op onze 'just the two of us' dag, hadden vele andere Nepalezen ook het idee gehad om naar hetzelfde winkelcentrum te gaan. Het was dus druk. Zaterdag is de enige dag waarop de meeste Nepalezen vrij zijn. In plaats van twee dagen vrij, hebben ze een dag per week vrij. Met als gevolg dat velen er massaal op uit trekken. Papa, mama, kids, oma, opa, neef, nicht, vrienden met vrienden van vrienden... Een gezellig boel met veel Nepalezen in de wandelpaden en weinig in de winkels. De opzet van het winkelcentrum had dus toch nut, want wellicht had de architect al lang begrepen dat een winkelcentrum niet alleen een 'winkel' functie heeft maar ook als gemeenschappelijke ruimte fungeert.

Groepjes meiden en jongens hangen tegen de balustrades en kijken naar de voorbijgangers. Ik heb zelf ook eens geobserveerd, met een koffie in mijn hand, wat al die mensen toch komen doen in dit winkelcentrum zonder de winkels binnen te gaan. De activiteiten bestaan vooral uit trailers kijken bij de bioscoop, gebruik maken van gratis wifi, voorbijgangers bekijken, vrienden ontmoeten en anderen komen alleen om de roltrappen te ervaren. Sommigen staan onwennig te wiebelen bij het opstappen, maar bereiken toch de bovenste verdieping om wederom onwennig naar beneden te gaan. Moeders met schoppende kinderen onder de arm, vol angst voor die bewegende trap. Ik was vroeger ook bang mijn tenen te verliezen, maar na veel ervaring te hebben opgedaan durf ik zelfverzekerd de roltrap op te gaan.

De film zou dan toch eindelijk beginnen en in de krappe vijftien minuten waarin alle bezoekers werden toegelaten, zochten we ons plaatsje. Ik vond het verbazingwekkend dat er niemand op ons plek was gaan zitten. Niet dat we een van de beste plekken hadden, maar dit was mijn veel voorkomende ervaring in India. Verstekelingen, door de bevriende bewaker binnen gelaten, die uitgebreid bellend op mijn plaats zaten. Niet in Kathmandu, fijn. Regels..daar houd ik van ;). Harry Potter 3D. De popcorn smaakte zoals thuis en de nacho's waren van herkenbare slechte bioscoop kwaliteit. Ik heb me vermaakt en waande me weer in Nederland. Ik was even, voor zo'n drie seconden, lichtelijk teleurgesteld toen het licht aanging en ik mijn Nepalese buren aankeek.

Het is duidelijk, in Kathmandu gaat men ook op zoek naar entertainment, al dan niet massaal op dezelfde plek. Ik heb afgelopen vrijdagavond doorgebracht springend op de schreeuwerige muziek van een Nepalese punk/ska band. Ondanks het onverstaanbare gezang was ik blij met het overweldigende geluid van de band en het dansen en springen van buitenlander en Nepalees. De kwaliteit deed er niet toe, het ging om de sfeer en die was super. Ik heb ondervonden dat er een groot expat/buitenlander-in-Kathmandu netwerk is, compleet met zaterdagse wandel/hardloop groep (eigenlijk moet je hardlopen..kan niet zeggen dat me dat goed doet met al die smog) en borrels organiserende internet community. Ik heb dus ontdekt dat ik me prima kan vermaken en dat onderdeel zijn van twee werelden ook interessant kan zijn.

Na het springen met de expats op punk/ska ging ik met lichtelijk dove Suman, punk is niet zijn ding, zijn vrienden opzoeken. Zij hadden net besloten naar 'the attic' te gaan. Daar hadden ze schijnbaar de afgelopen twee uur over beraadslaagd dus daar was niets tegenin te brengen. De zolder was echt fantastisch. Met lounge banken en een podium waar een band covers, van voornamelijk Bob Marley, speelde. Het werd minder toen men karaoke begon te zingen, al was het wel grappig. Leuke sfeer dus en mensen wederom dansend en springend. Ik voelde me dus helemaal thuis. Helaas sloot de bar om twaalf uur, conform de regels in Kathmandu. Heel netjes allemaal..maar wel goed aangezien je daadwerkelijk opgepakt kan worden na die tijd, inclusief bar personeel. Laten we zeggen, dat is Suman en zijn vrienden meerdere keren overkomen en dat hoeft niet per se herhaald te worden wat mij betreft.

Probleem is dat je nergens wat kunt eten. Want wat doe je na een avond drinken en springen? Inderdaad dan moet er wat gegeten worden. Suman had me hier al eerder over verteld en toen had ik hem hard uitgelachen. Hier komt het, de enige manier om eten te krijgen is om naar een van de ziekenhuizen te gaan. We reden samen met twee andere vrienden het parkeerterrein op wat gek genoeg niet uitgestorven was. In tegendeel, het was er een drukte vanjewelste. Het enige etenstentje in de nabije omgeving bevindt zich op het ziekenhuisterrein. Aangeschoten en zwabberende Nepalezen kopen daar hun momo's en broodjes.

Toilet. Jup ik moest naar het toilet...daarvoor gaan we het ziekenhuis binnen. Een doordringende ziekenhuislucht van ontsmettingsalcohol hing er in de lucht. Dit stelde me een soort van gerust, in ieder geval wordt er iets ontsmet. Verder was het vrij ranzig, niet iets wat je bij ons tegenkomt of wat ik Dharmaj (India) heb gezien. Echt een overheidsziekenhuis. We volgden twee dames op hoge hakken door de gangen, schijnbaar ook op zoek naar het toilet. Hier en daar lagen mensen op de grond en op de banken te slapen. Het gaf me een vreemd gevoel om te realiseren dat al die partygangers hier kwamen eten en dat zij zich hier om hun zieke geliefden bekommerden. Een van de vele illustraties van de tegenstellingen die je hier tegenkomt. De meest dure auto's en meest schaars geklede dames, en mensen slapend op de grond in een smerig overheidsziekenhuis in onzekerheid over de gezondheid van hun geliefden. Het toilet was redelijk schoon, lees bijna niets gezien want er was geen licht, maar er was geen water. In de wandelgangen was water maar geen zeep. Een ziekenhuis zonder zeep. Vrij tragisch. Aan de andere kant een ziekenhuis is beter dan geen ziekenhuis, tenminste daar ga ik vanuit.

vrijdag 8 juli 2011

Van Amsterdam naar Kathmandu; Het bekende onbekende

Het is alweer anderhalve week geleden dat ik hier in Nepal aan ben gekomen. Er zijn de afgelopen tijd zoveel indrukken op me afgekomen dat ik door de bomen het bos niet meer zag..ook geen bergen trouwens want het is hier consistent grijzig bewolkt met zware regenbuien. Daardoor vraag ik me soms af waarom ik precies hierheen gekomen ben. Natuurlijk weet ik dat wel en met Suman en mij gaat het ook goed, maar die bergen..die zouden toch wel een beetje helpen ;)

Mijn reis is redelijk goed verlopen, al in London waande ik me in India. Aangekomen bij de transfer bus naar mijn terminal, stapte ik en vijf 'Indiers' in. Aanhalingstekens, want de meesten van hen spraken te perfect Brits om niet in de UK geboren te zijn. Naast mij nam een oudere dame in sari en een jongere man in korte broek en polo plaats. 'Puur en alleen omdat ik een buschauffeur ben, wil niet zeggen dat ik minder ben dan zij is! Daar word ik zo boos van!' De oudere dame suste de jongeman in Hindi en zei in het Engels dat het geen zin had om boos te zijn. Het was onmogelijk om dit gesprek niet af te luisteren, het was zo herkenbaar en deed me meteen denken aan de nieuwe en ingewikkelde familierelaties die ik tegemoet zou gaan. Onder het genot (eerder gejammer) van een Bollywood nummer kwamen we aan in de juiste terminal waar de Sikh buschauffeur ons liet uitstappen.

Ik moet zeggen dat het wachten snel voorbij ging in London. Voordat ik het wist zat ik in het vliegtuig naar Delhi. Jammer genoeg weinig geslapen door de weeïge kotsgeur die het hele vliegtuig vulde. In Delhi aangekomen zag ik dat de hele international terminal vernieuwd was sinds ik er voor het laatst geweest was. Direct drong het tot me door dat ik in India was door de bedompte warme lucht en de achtkoppige crew waarvan twee aan het werk waren, vier aan het praten, en de andere twee de uitstappende passagiers aanstaarden. De grijzige bus stond te ronken om ons naar de nieuwe terminal te vervoeren. Na de hoge treden te zijn opgeklommen, sloeg de airco ons in het gezicht. Dit ondanks de half vergane stoelen en de rammelende motor van de bus. Vermoeid keken de passagiers elkaar aan. Na een ritje van twee minuten waren we aangekomen en trapte een formeel geklede passagier met tulband de deur van de bus open. De terminal zag er niet alleen van buiten, maar ook van binnen fantastisch uit.

Wederom eerder stond er een rij, laten we maar zeggen inefficiënt, personeel. 'Wat voor ticket is dit?', vroeg de bewapende soldaat die de security check bewaakte. 'Ik heb nog nooit zo'n instapkaart gezien. U moet terug naar de transfer desk.' Ik sjokte terug en besloot te accepteren dat het van nu af aan lang zou duren. Gelukkig was mijn vliegtuig op tijd en had ik nog ruim twee uur de tijd. Dezelfde discussie volgde aan de desk. Na een krabbeltje terug naar de soldaat, goedgekeurd. Door naar de douane, weer dezelfde discussie. Na heen en weer geschreeuw richting de desk medewerkers, mocht ik door. Na het fouilleren moest het ticketnummer opgetekend worden. En weer dezelfde discussie, weer heen en weer geschreeuw en in mijn andere oor hoorde ik de vrouwelijke douanebeambte dezelfde discussie voeren met een Franse toerist. Lichtelijk geïrriteerd maar ook met een gevoel van nostalgie en herkenning, ging ik op zoek naar een toilet. Nogmaals veel beter dan in de oude terminal, maar precies zoals dat hier in Nepal ook het geval is; alles half afgewerkt. Prachtige toiletten met zelfs zo'n eco-knop, die er natuurlijk afvalt wanneer je er op drukt. Waardoor je alsnog de wc handmatig met een emmertje doorspoelt. Meteen voelde ik me weer thuis toen het water over mijn voeten kletste.

Mijn tijd bracht ik door kijkend naar het krioelende personeel met ieder een eigen taak. Zeer mooi omschreven achterop hun polo's; 'pest control' oftewel een gast met een elektrische vliegenmepper, 'the green team' rijdend met een kar vol gieters. Ik vond het vermakelijk, maar als je erover nadenkt helemaal niet slecht geregeld. Eindelijk mocht ik dan boarden op mijn vlucht naar Kathmandu. Een uur van tevoren zat ik al zenuwachtig te wiebelen en smsjes te versturen naar Suman. De korte vlucht werd langer door een uur vertraging in Delhi. Taxiënd van de ene naar de andere rijbaan in Delhi zuchtte mijn Nepalese buurman nog eens diep. Ik grapte dat ze ons vast naar Kathmandu zouden rijden in plaats van vliegen. Bijna leek het zo te zijn, maar na zeker veertig minuten rijdend te hebben doorgebracht, bleek het vliegtuig ook daadwerkelijk te kunnen vliegen. Ik zat mooi links bij het raam, hopend later een glimp op te vangen van het Himalaya gebergte. Tijdens de vlucht besprak ik met mijn buurman de schrijnende politieke situatie in Nepal. Maar daar ga ik jullie later een keer mee vervelen. Eigenlijk was ik super zenuwachtig dus ik was blij met de aanspraak. Wachtend op het zien van het Himalayan gebergte verstreek de rest van de vliegtijd. Het gebergte kwam niet, want het was te bewolkt.

Bij aankomst in Kathmandu was ik zo door de immigratie controle en keken de beambten niet eens op hun monitor bij de handbagage check. Meteen werd er gevraagd met welke airline ik gevlogen had, 'Kingfisher'..en netjes werd ik naar de goede band gebracht. Toen die begon te draaien, haalde mede-passagier na mede-passagier hun koffer van de band. Ik bleef alleen achter, geen koffer. Ironisch, want twee dagen voordat ik aankwam vloog Suman en ook zijn koffers waren 'kwijt'. Oftewel vergeten in Moskou. Die van mij was achtergebleven in Delhi door een storing in het elektronische bagage systeem. Daardoor moest alles als vanouds met de hand worden gedaan, waarvoor minstens drie uur overstap tijd nodig is. Ik liep naar buiten zonder koffer, beetje verward door het geroep van 'Taxi, madam?' van alle kanten. En het eerste wat Suman zei; 'Waar is je koffer!' Daar sta je in de druilerige regen, het grijze Kathmandu, herenigd met je geliefde. 'Sorry,' zei hij meteen, dus zo erg was het niet ;). De volgende dag zijn we, ondanks de schaarste van benzine in de Kathmandu vallei, weer naar het vliegveld gereden om dit keer mijn koffer op te halen.

Mensen later meer! Over ons appartementje en Nepali leren enz. Zoveel te vertellen!